Nieuwsbrief

Als een droom

Deel van een foto: vanJohannes Plenio, Unsplashfoto’s

Lieve lezer,

Stel dat je leven als een droom is.
Zolang we geloven dat we enkel een droompersonage zijn, zal de kracht van onze verlangens de aandacht heel gemakkelijk de droom intrekken en zullen we geloof hechten aan de inhoud ervan. We hebben dan niet door wie we in werkelijkheid zijn en ons leven beperkt zich tot wat we als droompersonage ervaren. Dit is de reden dat binnen non-dualiteit, het boeddhisme, in kloosters of bij sjamanen zoveel aandacht wordt besteed aan het pad van onthechten. Zodat we ontdekken wat werkelijk is.

WANNEER ONTHECHTEN HECHTEN WORDT

Maar dit pad van onthechting stuit al heel snel op een paradox. Want wanneer het geloof hechten aan de inhoud van de droom oplost, betekent dat niet dat de droom zelf oplost, tenzij de droompersonage sterft. In de droom is een gezonde hechting tussen ouders en kind bijvoorbeeld onderdeel van wat zich afspeelt. Evenals een verbinding aangaan met andere personages, omgevingen en dieren. Wanneer je in de droom een dierbare verliest dan doet dit pijn. Dat is geen teken van geloven in illusies, het is een teken dat je leeft.
Je kunt in de droom celibatair en in afzondering gaan leven, zoals sommige monniken dat doen, om je leven te wijden aan God, aan de hoogste waarheid, maar daarmee verdwijnt het menselijk leven niet. Je wordt er alleen wat minder mee geconfronteerd. Hoewel dit voor veel mensen een onmisbare fase is kun je je afvragen of dit, bij volharding en vasthouden aan deze fase, niet gewoon een andere vorm van hechten is. Namelijk een hechten aan non-dualiteit, aan onze vormloze natuur.

ALS JE MIDDEN IN HET LEVEN STAAT

Ik schat in dat het leven jou geen kloosterleven heeft gegeven en dat je juist te maken hebt met werkzaamheden, contact met collega’s, gezinsleden en geliefden. En dat is niet voor niets.
Het is een pittige reis om je te openen voor je menselijke kant. Dat is natuurlijk ook de reden dat sommige mensen dit liever uit de weg gaan. Gerechtvaardigd met het argument dat alles goed is zoals het is en dat er helemaal geen doener bestaat. Dat is immers slechts een droompersonages die tot leven gedroomd wordt. ‘Je kunt niets doen.’ En hoewel dit ten diepste waar is, is het een regelrechte leugen zodra je het gelooft als zijnde de volledige waarheid. Wanneer je realiseert wie je ten diepste bent vraagt het leven op een gegeven moment van je om de vol-ledigheid te leven en je te openen voor je menselijkheid. Om droom, droompersonage en dromer te zijn en tegelijk daaraan voorbij te gaan.

KOPJE ONDER GAAN

Juist de uitdagingen in je leven helpen je om de realisatie van de vol-ledigheid te verdiepen. Regelmatig ging ik weer kopje onder in de inhoud van mijn leven en wilde ik weer van alles en nog wat bereiken in de hoop daarmee gelukkig te worden. Zodra dit gebeurde bouwde spanning zich op als hulpbron om me weer wakker te maken.

Het kopje onder gaan geeft ons misschien wel de belangrijkste lessen, inzichten en mogelijkheden tot bevrijding. Het geeft niet dat je kopje onder gaat. Want wie gaat kopje onder? De droompersonage?Wat is zich daarvan bewust? En wat zorgt ervoor dat je weer boven komt?

Daarin mag je smelten en op vertrouwen. Vergelijkingen met ‘droom’, ‘film’ of ‘oceaan’ zijn er om ons te openen voor de werkelijkheid. Zodra we ervaren wat hiermee wordt bedoeld, is het echter de bedoeling dat we aan de vergelijking voorbij gaan en deze ook weer loslaten. Want je leven is geen oceaan, geen droom en geen film. Het is áls een droom, áls een film en áls een oceaan. Als je gelooft dat je leven een droom ís geloof je slechts in een nieuw concept. Een concept dat de werkelijkheid kadert terwijl die niet te kaderen valt.

Liefs,

Linda